Johan Vlemmix wilde als kind maar één ding worden later: bekend. Hoe hij dat zou gaan doen, wist hij nog niet. Tegenwoordig staat hij bij een groot publiek bekend als iemand die alles doet voor aandacht en publiciteit. “Het maakt me niet uit wat mensen van mij denken. Ik doe een kunstje en het werkt.”

Vlemmix begint in de tuin van zijn landhuis te vertellen over zijn drukke schema. Hij legt de nadruk op alle tv-zenders die hem continu benaderen. Zo is hij nu bezig met een boekpresentatie van Ter land, ter zee en in de lucht, het programma waar hij bekend mee werd. Naar eigen zeggen wordt hij vaak een ‘zakkenvuller’ genoemd in de media, maar geld is niet wat hem drijft.

Slimmer dan mensen denken

Terwijl we Vlemmix spreken in zijn voortuin, wordt hij meerdere malen begroet door voor hem vreemde voorbijgangers. Hij lacht: “Ik ken hen niet, maar zij mij wel!”

Hij woont in een enorme villa met elf kamers en vijftien toiletten, die veel te groot is voor hem, vriendin Natasja en chihuahua Biggy, vindt hij zelf. Hij overweegt nu dan ook om van zijn woning een tv-studio te maken. Puur zakelijk, noemt hij deze beslissing. “Ik houd zakelijk en privé altijd gescheiden. Zo wilde mijn familie vroeger niet in de publiciteit, dus hield ik ze erbuiten. Zij vinden het soms moeilijker dan ik, dat ik met nare reacties afgeslacht word op het internet. Ik heb er geen last van. Ik weet van tevoren al lang waarom ik ergens voor gevraagd word.”

 Dat de 60-jarige gangmaker van élk feest een act opvoert en niet echt een ‘oelewapper’ is, laat hij al snel eerlijk weten. “Anders dan Rapper Sjors of Dries Roelvink, die nogal sterk geloven in wat ze doen, ben ik niet overtuigd van mijn eigen talent. Ik kan helemaal niet zingen en ben zelf ook niet echt fan van mijn eigen nummers, maar ik weet wel wat goed scoort in de media. Een nummer 1-hit scoren, zonder zangtalent: dat is toch geweldig?” Vlemmix herhaalt een aantal keer dat hij de showbizz echt niet in is gegaan voor het geld. “Ik vind wat ik doe echt heel leuk. Dat ik daarnaast ook een goede ondernemer ben, is alleen maar mooi meegenomen. Ik ben slimmer dan mensen denken”, vertelt de Brabander. “Ik was altijd al een slimme handelaar.”

Functioneel voor lul

Waarom Vlemmix steeds de media opzoekt, terwijl hij naar eigen zeggen veel haatreacties krijgt, blijft een interessante vraag. “Op Dumpert en Pownieuws word ik meteen afgebrand, zodra ik iets geks doe. Dan bellen ze me met een tekst die ik moet oplezen, zodat het net lijkt of ik dat zelf heb gezegd. Ik werk er wel aan mee, hoor. Als media mij vragen om iets geks te doen, doe ik er altijd nog een paar schepjes bovenop. Ik heb geen schaamte. Dat noem ik functioneel voor lul staan: met een kwartiertje voor gek staan verdien ik meer dan andere mensen in een maand. Zet me dan maar voor gek!”, roept hij heel vrolijk.

Zijn er dan echt geen dingen waar hij ‘nee’ op zegt? “Jazeker, ik ben een paar keer goed gebruikt door zogenaamde ‘goede doelen’. Daar zet ik me nu niet meer voor in, behalve als het iets landelijks, of groots is. Zo werd ik gevraagd voor een artiestenavond, maar er bleek helemaal geen publiek te zijn. De eigenaar van de kroeg had mij gewoon laten komen om meer volk aan te trekken. In dat soort dingen heb ik dus geen trek meer. Het geld gaat dan naar de verkeerde persoon met de verkeerde motieven. Gelukkig geloof ik wel in karma. Slechte dingen komen altijd uit.”

Hem overkomen geen slechte dingen, zegt Vlemmix over zichzelf. Onlangs brak hij beide knieschijven, door een stunt in een ballenbak, die verkeerd afliep. Zorgen maakt hij zich niet, want over twee weken krijgt hij gewoon nieuwe knieën. “Normaal ben ik niet zo transparant in interviews als nu”, zegt hij lachend. “Maar eigenlijk kan ik dus niet zo veel. Ik heb dan wel weer een ontzettende drive. Door hard te werken heb ik ook dit paleis kunnen kopen. Ik maak werkweken van honderd uur. Soms met een beetje risico.”

Paleisje
Ontspannen doet Vlemmix ’s avonds in zijn privé-café, genaamd Oud-Woensel, dat in de kelder van zijn villa is gebouwd. Aan de bar staat een dozijn barkrukken en minstens dubbel zoveel tafels met klaargelegde bierviltjes en asbakken vullen de rest van de donkere ruimte op. Hij draait er rond een uur of elf in de avond graag nog een uurtje muziek, voor hij te bed gaat in de ‘master bedroom’, bekleed met zijde en bladgoud. “Ik heb naast dit café ook nog een nachtclub, Paleis Soestdijk II. Dat was een oud politiebureau, dat ik heb laten verbouwen tot een replica van Paleis Soestdijk. Ze draaien daar alleen maar van die hardcore muziek, waar ik niet van hou. Hier draai ik Joling voor mezelf. Veel beter.”

Koning Johan

Ook al is zijn café meestal leeg, Vlemmix is nooit alleen. In de woonkamer heeft hij namelijk een exacte replica van zichzelf staan, in de vorm van een levensgrote siliconenpop. De tweede Johan Vlemmix heeft een prachtig goud pak aan, met glitters en diamanten. De pop draagt zelfs een kroon. Zo is hij toch een beetje koning van zijn eigen paleis. “Grappig, he?”, vraagt hij terwijl hij zijn dubbelganger vastpakt. De kroon pakt hij af, die draagt hij liever zelf.